Vegan. Ik toch niet?!

Dochter M. stopte eerst met het eten van vlees en vervolgens met het eten van dierlijke producten. Kortom, ze werd veganist.

Moet dat nou, dacht ik eerst. Maar ja, je laat een kind los of je laat het los. Zo is het toch? Ik dacht ook: wat maak ik voor haar klaar? En voor haar vriend E. trouwens, maar die is tenminste nog gewoon vegetariër. Ben ik ook een poosje geweest, toen ik jong was.

Afijn, er gebeurden geen rampen. Ja, één keer, bijna. Ik voegde op het allerlaatst BIJNA een restje zure room bij een soep. Niet helemaal dus, pfew. Typisch een actie voor iemand die regelmatig de sleutels in de voordeur laat zitten, of in het winkelwagentje. :O

Tot gisteren was er weinig aan de hand. M. bleef veganist, ik zei er weinig tot niets van, maakte af en toe tofu en draaide gehaktballen voor manlief. En wat doet M.? Ze stuurt me een recept voor vegan rijstkaas!

En wat doe ik? Ik verdwaal op de site van Martine – vegetus.nl – en ik denk, goh, lijkt me best lekker – en – eigenlijk niet eens zo moeilijk.

Het zal toch niet!

De blog

Ze* komt maar niet van de grond, die blog van mij.
Hoe komt dat, hoe kan dat?

Misschien omdat ik zo mijn best doe om mezelf te verstoppen. Dat wil zeggen, bepaalde kanten van mezelf, de kant waarmee je niet gezien wilt worden. De kwetsbare kant.

Intussen peins ik me suf waarover ik nou eens kan schrijven. En ik bedenk maar niets omdat ik aan de achterkant zo mijn best moet doen om overeind te blijven. Om niet ten onder te gaan aan pijn en pessimisme.

Wat is er dan?

Mijn gevecht tegen chronische pijn. Ik wil zo graag dat iedereen mij ziet als de vrolijke, sterke, vriendelijke Marjan terwijl er ook een boze, wanhopige, doodmoeie Marjan is. Die laatste heeft geen puf om alle mooie plannen die ze heeft uit te voeren. Ze voert haar strijd in het geniep, doet de pijn af als aanstellerij en zwijgt. Nou weet je het.

En nu publiceren kreng!

😀 Ja, vast.

 

 

*Ja, ze. De krant is een meneer, de blog is een mevrouw. Vind ik.